Opvallende cijfers

974

974 plaatselijke groepen maken van KVLV een levendige, dynamische beweging in jouw buurt.

 

100
100 jaar bestaat KVLV in 2011. En dat wordt gevierd onder het motto ‘Eeuwige passie’.
We zullen er vanzelfsprekend nog minstens 100 jaar bij doen!

 

52.000
Jaarlijks vinden meer dan 52.000 KVLV activiteiten plaats in de plaatselijke groepen. Omgerekend: dagelijks worden te velde 172 activiteiten georganiseerd, 7 dagen op 7, het hele jaar rond.
In KVLV wordt naar hartelust gekokkereld, culinaire hoogstandjes en gerechten voor alledag. Vrouwen leren er interieurdecoraties ontwerpen of modieuze kledingstukken en bijpassende accessoires creëren. Heel veel succes kennen de activiteiten waarop vrouwen aan hun conditie werken. In een praatcafé kan je van gedachten wisselen over allerlei thema’s die vrouwen bezighouden. Duurzaamheid en energiebewustzijn lopen als een rode draad doorheen de activiteiten. KVLV-activiteiten zijn laagdrempelig en: het is er gezellig!

 

1906
Zes rondreizende melkerijscholen lagen aan de basis van de eerste boerinnengroepen.
Ze bleven 3 tot 4 maanden op 1 plaats en gaven onderricht over de kwaliteit van de melk, boter- en kaasbereiding. Rond 1900 kwamen er naast rondreizende ook vaste landbouwhuishoudscholen of boerinnenscholen.
De huishoudschool van Alveringem richtte in 1906 de eerste ‘boerinnenkring’ op om haar oud-leerlingen ‘op de hoogte te houden van al wat de taak en de rol der boerin aanbelangt’.
De boerinnenkringen namen vanaf hun ontstaan 3 inhoudelijke terreinen ter harte, alle vanuit een min of meer uitgesproken christelijke inspiratie: het opvoeden van hun leden tot goede moeders, goede huisvrouwen en goede boerinnen.
 

1911
In den schoot van den Belgischen Boerenbond is eene afdeeling voor vrouwen gesticht, met name: “Belgische Boerinnenbond” en met kernspreuk: “Ieder voor allen, Allen voor ieder”.
Zo lezen we in de ‘Grondkeure van den Belgischen Boerinnenbond’ die op 5 juli 1911 werd goedgekeurd.
61 jaar later, op 24 november 1972, werd KVLV een zelfstandige vzw.
121 vrouwen vormen de algemene vergadering, het brede beleidsorgaan van KVLV vzw. Om de 5 jaar duiden zij een raad van bestuur aan, bestaande uit 6 beleidsvrijwilligers, 6 beroepskrachten en de nationale voorzitster.

 

1
“Juffrouw De Wilde spreekt over de oorsprong der boerinnenbond en toont er de noodzakelijkheid, het belang en het nut van en eindigt met al de vrouwen van Beernem aan te sporen er wat van te maken. Elk hoofd des huizes betaalt één frank per jaar en krijgt daarvoor en abonnement op het Maandschrift de Boerin dat 0,60 fr. moet betaald worden. De 0,40 fr. die overschieten worden gebruikt tot het bekostigen van een tombola die in elke driemaandelijkse vergadering gegeven wordt.”
(uit het verslagboek van een van de oudste boerinnengilden)

 

21.786
Boerinnenbond organiseerde vanaf 1922 ‘korte leergangen’: 4 tot 5 praktische lessen die hoofdzakelijk rond huishoudkunde draaiden.
Vandaag de dag wordt praktische vorming binnen KVLV verzorgd door het Landelijk Praktijkatelier, meestal in reeksen van 4 à 5 samenkomsten van elk 3 uur. In 2010 organiseerden alle KVLV-groepen samen 21.768 uren workshops waarin de deelnemers culinaire nieuwigheden konden opsteken of creatief aan de slag gaan om hun interieur te verfraaien of voor zichzelf mooie accessoires te ontwerpen.

 

1.800
In 1926 organiseerde Boerinnenbond haar eerste Lourdesbedevaart. Een hele belevenis voor 1.800 vrouwen die nooit veel verder dan hun eigen dorp waren geweest! Een reis naar Lourdes was voor heel veel vrouwen van het platteland de enige buitenlandse uitstap die zij in hun leven maakten.

 

35
Door weer en wind, van maandag tot en met donderdag, doorkruisten de opziensters met trein, tram en fiets elk hun provincie om gilden (plaatselijke groepen) te bezoeken, nieuwe gilden te stichten, lessen te geven, retraites bij te wonen, prijskampen in te richten, enz.
Vrijdag en zaterdagvoormiddag stond kantoorwerk in Leuven op hun programma.
En 35 van de 52 zondagen moest er gewerkt worden. Maar de opziensters hadden wel recht op 14 betaalde vakantiedagen per jaar.
Een dag, dat al de sluizen van den hemel openstonden, komt een opzienster, na twee uur fietsen, doornat op de pastorij van M. De goedhartige meid bezorgt kousen en schoenen… Na de bestuursvergadering gaat de tocht nog verder naar S. M. Pastoor vindt dat het geen weer is om een hond, dus ook niet om een opzienster door te jagen. Maar plicht boven alles! De doornatte schoenen kon ze echter niet aankrijgen. M. Pastoor vindt de oplossing: hij brengt een paar van zijn schoenen. “De juffrouw mag ze gerust aandoen. Met zoo’n weer zal zij toch niemand tegen komen!”
Avontuurtjes verteld in ‘De Boerin’, 1936

 

20.000
In 1919 werd het N.W.K. (Nationaal Werk voor Kinderwelzijn) opgericht, met de daadwerkelijke hulp van Boerinnenbond die in tientallen landelijke gemeenten de zuigelingenraadplegingen organiseerde. Voor heel wat boerinnen was het evenwel moeilijk om geregeld naar ‘het kinderheil’ te gaan. Vanaf 1925 begon Boerinnenbond met een systeem van raadplegingen aan huis.
 
In 1939 rolden 20.000 exemplaren van het handboek ‘Moeder- en kinderverpleging’ van de pers, een uitgave van Boerinnenbond, die intussen zelf kinderverpleegsters opleidde, lessen gaf in moeder- en kinderverzorging en de vroedvrouwenscholen stimuleerde.
Vandaag worden de preventieve gezondheidsraadplegingen georganiseerd door Kind en Preventie, waarvan KVLV mede-oprichter is. Zo’n 400 KVLV-vrouwen zetten zich mee in als vrijwilligster in de consultatiebureaus van Kind en Preventie.

 

1946
De ledengroep van Boerinnenbond wordt alsmaar meer verscheiden. De organisatie biedt een ruime waaier aan voordrachten en cursussen, inspelend op de verscheidenheid aan interesses en op wat maatschappelijk aan de orde is. Vanaf 1946 komen boerinnen/tuiniersters apart samen om voor hen geëigende beroepscursussen en -voordrachten te volgen. Vanaf 1969 werd binnen de schoot van KVLV een specifieke werking voor boerinnen/tuiniersters opgericht. KVLV-Agra biedt vandaag aan zo’n 9.000 actieve boerinnen en tuiniersters specifieke beroepsvorming, ondersteuning en belangenbehartiging.

 

40.000
Slechts 5% van de hoeves in Vlaanderen beschikte in 1950 over stromend water. Na twee jaar aandringen bekwam Jeanne Cardijn (nationale voorzitster Boerinnenbond) dat het Ministerie van Landbouw de installatie van private waterleiding op de boerderijen zou subsidiëren. Tussen 1953 en 1961 maakten bijna 40.000 bedrijven daarvan gebruik.
 
1.106 woningaanpassingen werden door Ons Zorgnetwerk begeleid en uitgevoerd in de jaren 2001 – 2007. Sindsdien voegde Landelijke Thuiszorg er nog 750 aan toe. Nog steeds beschikken niet alle woningen in landelijke gemeenten over de nodige basisvoorzieningen.

 

1953
Elektriciteit, stromend water, wc, bad, een uitgeruste keuken en minstens drie slaapkamers met verluchting, dat alles behoorde op het platteland in 1945 tot de uitzonderingen. Stond in 1945 ‘De Boerenwoning’ centraal, in 1953 werd dat ‘De Landelijke Woning’, waarvan in 1957 de eerste kijkwoningen werden aangewezen.
Sinds dan werden in Vlaanderen talloze landelijke woningen naar de modelwoning van Boerinnenbond gebouwd.

 

1920
Bij de vernieuwing van de kieswet voor de gemeenteraad (1920) lezen we in De Boerin, het maandblad van Boerinnenbond: ‘Kunnen wij, vrouwen, vrede hebben met de nieuwe kieswet? Neen. Ons grondbeginsel is: Volkomen gelijkstelling van beide geslachten inzake stemrecht.’
Toen in 1948 de vrouwen stemrecht kregen in het parlement, verscheen in De Boerin een verhaal van een koffiekransje waarbij de jonge vrouw van een schoolmeester haar moeder, schoonmoeder en tante overtuigt hoe belangrijk het is om geen wit briefje in de stembus te steken: ‘Dat doen enkel de mensen die geen gedacht hebben’.

 

170.000
Boerinnenbond pleitte van meet af aan voor een goede scholing voor de meisjes op den buiten, onderhield goede contacten met landbouwhuishoudscholen en maakte er propaganda voor. Tussen de tweede wereldoorlog en 1960 verdwenen zo’n 170.000 boerderijen in Vlaanderen. Vanaf de jaren ‘50 stimuleerde Boerinnenbond haar leden om hun dochters ook studierichtingen als secretariaat, verpleging, kleding, voeding, handel,… te laten volgen, de verminderde beroepskansen in de landbouw maakten het landbouwhuishoudonderwijs immers minder aantrekkelijk. In de jaren ’80 worden alle studierichtingen, ook de zgn. ‘mannelijke’, onder de aandacht gebracht als mogelijkheden voor meisjes.

 

48
Op vraag van de Luikse bisschop begon Boerinnenbond in 1952 een werking in de Oostkantons. Maria Goetschalckx, opzienster in de provincie Antwerpen, was de enige die Duits kende. Zij leerde speciaal autorijden om het ‘Landfrauenverband’ van de grond te krijgen. Tussen 1952 en 1956 werden 48 afdelingen opgericht in Duitstalig België, met eigen vergaderingen en studiedagen en een eigen tijdschrift ‘Die Landfrau’, nu ‘Bunter Faden’.
2.000 leden in 53 afdelingen telt vandaag het Landfrauenverband, dat sinds 2003 verzelfstandigd werd.

 

4
4 keer veranderde de Boerinnenbond van naam, als gevolg van een gewijzigde samenstelling van de aangesloten groep, andere noden en inhouden, evoluties in de samenleving en het zoeken naar een gepaste uitstraling.
• Boerinnenbond (1911-1968)
• Katholieke Landelijke Vrouwen (1968 -1971)
• Katholiek Vormingswerk voor Landelijke Vrouwen (1971-1976)
• Katholiek Vormingswerk van Landelijke Vrouwen (1976-2003)
• KVLV, Vrouwen met vaart (2003- ???)

 

44
850 Agravrouwen namen in 1977 deel aan de eerste nationale Agradag met als thema ‘De land- en tuinbouwersvrouw in onze maatschappij’. Sinds dan is het werken aan een degelijk beroeps- en sociaal statuut van de boerin/tuinierster een van de speerpunten in de Agrawerking.
Begin 2011 verzamelden 595 Agravrouwen tijdens provinciale Agradagen en namen nogmaals de positie van de Agravrouw op haar bedrijf onder de loep. Na 44 jaar is er nog steeds werk aan de winkel om van het statuut van boerin/tuinierster een volwaardig statuut te maken.

 

1.359
Melk, boter, kaas en eieren… aardappelen en prei… Dat kon je vroeger kopen, rechtstreeks op de boerderij. Boerinnen hielden melkwedstrijden en bekwaamden zich in het karnen.
Vandaag vormt thuisverkoop van hoeveproducten een vaak welkome aanvulling bij het gezinsinkomen op een land- en tuinbouwbedrijf. Meestal zijn het de boerinnen/tuiniersters die zich hierop toeleggen, naast hun andere bezigheden.
Sinds 1996 nam KVLV-Agra initiatieven om hoeveproducenten te ondersteunen. In 2002 groeide daaruit het Steunpunt Hoeveproducten, dat vandaag 1.359 hoeveproducenten en thuisverkopers adviseert en ondersteunt en hen gespecialiseerde opleidingen aanbiedt.
Hoeveproducten zijn ‘in’: kwaliteitsvolle eerlijke producten, met een lage ecologische voetafdruk want: kort bij huis.

 

28
Afrika heeft Boerinnenbond nooit onberoerd gelaten. Vanaf 1964 verschoof het accent van missionering naar ontwikkelingshulp. Vandaag gaat KVLV partnerschappen aan met vrouwengroepen in het Zuiden. Dat gebeurt in samenwerking met en onder begeleiding van Trias ngo.
De voorbije vijf jaar stond KVLV in nauw contact met vrouwen in Guinee. De resultaten zijn heel tastbaar en bemoedigend: zo heeft KVLV mee haar schouders gezet onder een regionale vrouwenraad, die voor de mensen ter plaatse echt het verschil maakt. De 28 KVLV-vrouwen die in 2008 naar Guinee reisden, zijn nog steeds nauw betrokken bij de werkzaamheden van deze vrouwenraad. Zij vertelden over hun ervaringen in 236 KVLV-groepen, werken projecten uit samen met de Guinese vrouwenraad en houden via een dynamische blog en artikels in het maandblad Vrouwen met vaart de contacten tussen KVLV en de Guinese vrouwen levendig.
In het najaar 2011 start KVLV een tweede partnerschap, dit keer met een vrouwenorganisatie in het zuiden van Brazilië.

 

193.000
De 4 opeenvolgende titels van het maandblad geven weer hoe KVLV evolueerde en aansluit bij de maatschappelijke positie van vrouwen.
• De Boerin (1911-1949)
• Bij de Haard (1950 – 1987)
• Eigen Aard (1988 – 2006)
• Vrouwen met vaart (2006 - ???)
Vrouwen met vaart wordt maandelijks door 193.000 mensen gelezen!

 

3.000.000
Doorheen haar 100-jarig bestaan gaf Boerinnenbond/KVLV talrijke publicaties en boeken uit, op heel uiteenlopende domeinen: arbeidsbesparing en ergonomie in huishouden en bedrijf, comfortabel landelijk wonen, kinderverzorging, opvang van zieken thuis, opvoeding van baby’s, peuters, kleuters en tieners, kleding en accessoires, bloemschikken, creatieve vaardigheden, gezonde en evenwichtige voeding,…
Het meest gekend is ‘Ons Kookboek’ waarvan in totaal in verschillende versies reeds meer dan 3.000.000 exemplaren zijn verkocht. De allereerste Vlaamse Cultuurprijs voor de Smaak ging in 2007 naar Ons Kookboek dat daarmee als ‘bijbel van de Vlaamse keuken’ werd bekroond. De overheid verantwoordde haar beslissing zo: ‘Ons Kookboek van KVLV maakt onmiskenbaar deel uit van het Vlaamse erfgoed’.
Sinds 2011 wordt Ons Kookboek door het Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom (BBIE) erkend en beschermd als merk.

 

5
5 generaties vrouwen komen samen in mijn leven…
Mijn grootmoeder had geen stemrecht. Zij schoolde zich in Boerinnenbond bij op vlak van melken, moestuin en kippen, op vlak van hygiëne en arbeidsrationalisatie in haar gezin (1948).
Mijn moeder had geen pil. Haar taken lagen in Kerk, keuken en kinderen (1960).
Ik heb geen tijd. Ik probeer huishouden en gezin te combineren met een voltijdse job buitenshuis (1990).
Mijn dochter heeft alles en vindt dit evident. Zij heeft weinig weet van het leven en de inzet van vorige generaties en pikt in op trendy ontwikkelingen: zij adopteert een appelboom en koopt hoeveproducten (2000).
Mijn kleindochter is een open boek. Maar het is duidelijk dat er vaart in zit! (2010)
(Carla Durlet, nationaal voorzitster KVLV - 2011)

 

50
Vanaf zijn oprichting trok Boerinnenbond ten strijde tegen kindersterfte. De eerste 50 jaar ging heel wat aandacht naar het verzorgen en voeden van zuigelingen en naar het verbeteren van het voedingspatroon voor het hele gezin. Arbeidsbesparing en kwaliteitsverbetering in het gezin en op het bedrijf lopen als een rode draad doorheen de samenkomsten en de artikels in het maandblad. Comfortabel landelijk wonen vormt een van de speerpunten vanaf de jaren ’50. De algemene welvaart neemt toe.
De volgende 50 jaren staan in het teken van gezonde, evenwichtige voeding.
In de gezondheidslessen verschuift de focus naar preventie en (welvaarts)ziekten. De landbouwbevolking kent een drastische daling en dit heeft zijn weerslag op de werking met en voor boerinnen en tuiniersters. Democratisering van de samenleving zet zich ook door in de eigen organisatiestructuur van KVLV, met verkiezingen van eigen besturen. Differentiatie in de ledengroep leidt tot een meer gedifferentieerde werking. Ontwikkeling van de eigen autonomie van vrouwen vormt een nieuwe rode draad doorheen de werking van KVLV. Boerinnen/tuiniersters verkrijgen een eigen afvaardiging in de Boerenbondstructuur. Scholing en tewerkstelling van vrouwen buitenshuis winnen aan belang. Inspelend op nieuwe noden en taakverdeling binnen gezinnen neemt KVLV initiatieven die uitgroeien tot nieuwe dienstverlening en tewerkstellingskansen voor vrouwen, in het geheel van Groep KVLV.

 

7.000
In den beginne werkten 2 personeelsleden als ‘opzienster’ voor Boerinnenbond, naast en samen met de nationale voorzitster.
 
Naarmate de werking groeide werd het personeelsbestand van Boerinnenbond/KVLV uitgebreid. KVLV-vrouwen zijn ‘antennes’ in hun dorp. Zij zien en horen wat vrouwen nodig hebben en wat hen interesseert, zij signaleren en/of introduceren nieuwe trends en uitdagingen op het platteland. In de schoot van Boerinnenbond en later KVLV werden nieuwe diensten opgericht om tegemoet te komen aan noden van vrouwen in landelijke gebieden. Omwille van de snelle groei werden en worden verschillende diensten verzelfstandigd in aparte vzw’s. Dankzij onze ‘antennes’ is KVLV uitgegroeid tot Groep KVLV: een verzameling van vzw’s en steunpunten die ieder op zich een antwoord geven op een belangrijke behoefte van vrouwen.
Vrouwen ondersteunen in de combinatie gezin, werk, zorg én werkgelegenheid creëren voor vrouwen staan voorop in Groep KVLV. Groep KVLV telt intussen bijna 7.000 medewerkers, verspreid over de verschillende vzw’s en coöperaties die er deel van uitmaken.

 

1.122.555
De ‘Hulp in de huishouding’ waarmee Boerinnenbond al in de jaren 1930 begonnen was, kende tijdens de tweede wereldoorlog een echte doorbraak. Samen met andere katholieke vrouwen- en jeugdorganisaties werd het ‘Dienstbetoon aan gezinnen door de oorlog geteisterd’ opgezet en in Oost-Vlaanderen en Limburg werd meegewerkt aan de actie ‘Kinderen in openlucht’.
 

‘Hulp in de huishouding’ evolueerde naar ‘Gezins- en Bejaardenhulp’, vandaag ‘Landelijke Thuiszorg’. In 2010 werden door 1.177 verzorgenden 1.122.555 uren hulp en zorg verleend in 8.372 gezinnen.

Nog steeds engageren land- en tuinbouwgezinnen zich om opvang te bieden aan jongeren en volwassenen voor wie ‘de boerderij’ een dankbare plek is om structuur, bezigheid, geborgenheid, arbeidsplezier,… te ervaren. 658 zorgboerderijen worden in Vlaanderen ondersteund en begeleid door het Steunpunt Groene Zorg.

 

50.233
Waar kinderopvang in stedelijke milieus vorm krijgt (crèches, kinderkribbes) blijven de mogelijkheden op het platteland achterwege. Om ook in landelijke gebieden tegemoet te komen aan de nood aan kinderopvang, organiseert de dienst Gezinszorg van KVLV vanaf 1976 opvang van baby’s en peuters door opvangmoeders. De dienst groeide snel, ontwikkelde nieuwe initiatieven en veranderde van naam. In 2010 werden door Landelijke Kinderopvang 26.554 kindjes opgevangen bij 2.276 onthaalouders. 23.679 kindjes konden bij 621 kinderbegeleidsters terecht in de buitenschoolse kinderopvang Stekelbees.